Bijna veertig jongeren wachten sinds april 2025 op duidelijkheid in het faillissement van de voormalige ANWB Rijopleiding Hartemink. Zij betaalden vooraf duizenden euroās voor lespakketten die nooit (volledig) zijn geleverd. De afwikkeling ligt in handen van curator Yetis Cenik, maar onder gedupeerden groeit de frustratie over het tempo van het rechtmatigheidsonderzoek.
Volgens slachtoffers blijft concrete informatie over mogelijke misstanden uit. Zij vrezen dat waardevolle tijd verloren gaat, terwijl de financiƫle schade groot is. Een kwart van de gedupeerden ontving inmiddels een coulancevergoeding van de ANWB, mede na inzet van de Vereniging Consumentbelang Autorijbewijs (VCBA.nl). Voor de overige jongeren biedt dit echter geen oplossing.
Meerdere gedupeerden dringen erop aan dat de curator aangifte doet bij de politie wegens mogelijke oplichting. Zij vinden dat het onderzoek naar de gang van zaken vóór het faillissement voortvarender moet worden opgepakt, zodat duidelijk wordt of sprake was van onbehoorlijk bestuur of strafbare feiten.
Zolang die duidelijkheid uitblijft, blijft de onzekerheid groot. Voor jongeren die hun spaargeld investeerden in een rijbewijs, voelt het wachten als een tweede klap na het faillissement zelf.
De curator maakt in zijn laatste faillissementsverslag melding van een vervolggesprek met de bestuurder van de gefailleerde onderneming, maar naar verwachting zal hij daarover niet eerder dan in maart 2026 verslag doen; bijna een jaar na het faillissement.
Eerder ontdekte VCBA al dat Hartemink een onrechtmatige dubbele inschrijving had bij het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen, dat er geen sprake was van een schadeclaim van voormalig zzp-rijinstructeurs. Met name de dubbele inschrijving is volgens de consumentenvereniging omstreden, omdat uit onderzoek van VCBA is gebleken dat hierdoor de forse marge op praktijkexamens in een andere BV is gevloeid. Onrecht heeft eerder schriftelijk vragen gesteld aan de curator, maar tot op heden nooit een inhoudelijke reactie ontvangen.
