Het verhaal van Gerda en Jurgen en hun gezin is geen gewoon persoonlijk drama. Het is een pijnlijke illustratie van wat er gebeurt wanneer een overheid een gezin eerst financieel breekt en vervolgens jarenlang onvoldoende in staat blijkt om de gevolgen daarvan daadwerkelijk te herstellen. In 2011 kregen Gerda en haar man te horen dat zij ā¬37.000 aan toeslagen moest terugbetalen. Contact zoeken met de Belastingdienst leverde volgens haar nauwelijks iets op. Ondertussen stapelden schulden, deurwaarders en andere problemen zich op. Uiteindelijk werden haar twee dochters uit huis geplaatst. Kinderen die nog maar enkele maanden en anderhalf jaar oud waren.
Daarmee begon een strijd die uiteindelijk elf jaar zou duren. Volgens een verslag van De Telegraaf voerden Gerda en haar gezin maar liefst 52 rechtszaken. Jaren waarin procedures, instanties en dossiers het leven van een gezin bepaalden dat juist bescherming en herstel nodig had.
Het wrange is dat de overheid inmiddels zelf had erkend hoe diep het toeslagenschandaal heeft ingegrepen in gezinnen. De parlementaire conclusies waren vernietigend: de grondbeginselen van de rechtsstaat waren geschonden en ouders was āongekend onrechtā aangedaan.
Maar erkenning achteraf maakt verloren jeugdjaren niet ongedaan.
De dochters van Gerda wonen inmiddels weer thuis. Dat is misschien het moment waarop een gezin eindelijk weer compleet zou moeten kunnen zijn. Maar hoe haal je elf jaar van een kinderleven terug? Hoe compenseer je de gemiste verjaardagen, vakanties, dagelijkse momenten en de hechting tussen ouders en kinderen? Een overheid kan geld terugbetalen. Zij kan schulden kwijtschelden. Maar tijd kan zij niet teruggeven.
En juist daarin zit misschien wel de hardste les van de toeslagenaffaire.
Rechtsherstel is meer dan een financiƫle compensatie.
Wanneer burgers tientallen procedures moeten voeren om hun gelijk te krijgen, rijst de vraag hoeveel vertrouwen in de rechtsstaat er nog overblijft. Wanneer kinderen jarenlang van hun ouders gescheiden leven en pas veel later blijkt dat hun ouders onderdeel waren van een groep die door de overheid ernstig is gedupeerd, kan niemand volhouden dat alleen het financiƫle dossier moet worden opgelost.
Het verhaal van Gerda en haar gezin vraagt daarom om meer dan medeleven. Het vraagt om verantwoordelijkheid.
Want een overheid die erkent dat burgers āongekend onrechtā is aangedaan, zou ook moeten uitleggen waarom het herstel vervolgens zó lang kan duren.
Elf jaar strijd om je eigen kinderen terug te krijgen. Dat is niet alleen het verhaal van ƩƩn gezin. Het is een waarschuwing voor wat er gebeurt wanneer een systeem belangrijker wordt dan de mensen voor wie dat systeem bedoeld is.
